Lente!

Het eerste wat groen werd

waren mijn vingers.

 

Iedere keer als ik in het schuurtje kom

sluiten mijn vingers zich verlangend

om de steel van de schop.

Ik ben om onverklaarbare reden

ontwaakt

uit mijn winterslaap.

 

Want er hangt iets in de lucht.

 

Ondefinieerbaar en mysterieus

en helder.

De aarde slaapt nog.

Vorst heeft de planten betoverd.

IJsheiligen is nog ver.

De eerste zwakke zonnestralen

strelen de braakliggende aarde.

In mijn hoofd lost de mist

nu eindelijk

op.

Lente!

 

Mijn verhuizing naar het paradijs

heeft diepgewortelde instincten

losgewoeld.

Het contact met de aarde

doet mijn bloed sneller stromen.

En het rondzoemende leven

verleidt mij telkens weer

tot eeuwigdurende expedities.

 

Vagebond.

 

Ik bereid me voor

op een seizoen zwoegen.

Op een weerzien

met alle beestjes

die in mijn tuin wonen.

Op een struggle for life

en (de meeste) veggies.

In de tuin is geen tijd….

 

Zinderingen. Over schepping en kunst.